- De leerlingen installeren simulatiesoftware 'Filius' op hun computer
- De leerlingen verkennen de mogelijkheden van simulatiesoftware 'Filius'
- De leerlingen kunnen in een simulatieomgeving 2 computers rechtstreeks met elkaar verbinden
- De leerlingen kunnen in een simulatieomgeving 2 computers verbinden via een switch
- Zie de cursus 'Inleiding tot Filius.pdf', te vinden in Google Classroom bij de sectie 'Netwerken', onder de hoofding 'Cursusmateriaal Computernetwerken'
Netwerksimulatiesoftware 'Filius'
- Filius is een educatieve netwerksimulatiesoftware.
- Je kunt eenvoudig computernetwerken opzetten en testen.
- Verschillende netwerkapparaten kunnen worden toegevoegd en verbonden.
- Netwerkprotocollen kunnen gesimuleerd worden.
- Het programma biedt een veilige omgeving om te experimenteren zonder echte hardware.
Installatie
De leraar demonstreert hoe je Filius installeert.
Samen Filius verkennen
- Taalkeuze: Bij de eerste start kiest u de taal, die permanent wordt opgeslagen (kies Engels)
- Werkmodi:
- Ontwerpmodus (hamer): Netwerk bouwen en wijzigen.
- Simulatiemodus (groene pijl): Netwerk testen, software installeren en uitvoeren.
- Documentatiemodus (potlood): Annotaties en groeperen van netwerkonderdelen.
- Ontwerpmodus:
- Computer en Notebook: Virtuele apparaten, instelbaar via dubbelklik.
- Kabel: Verbindt apparaten door te slepen en te klikken.
- Switch: Verbindt meerdere computers binnen één netwerk.
- Router: Verbindt verschillende netwerken, instelbaar aantal NIC's.
- Modem: Maakt verbinding tussen verschillende Filius-instanties op echte netwerken.
- Simulatiemodus:
- Softwarebeheer: Installeren, verwijderen en starten van applicaties op virtuele computers.
- Data exchange: Monitoren van netwerkactiviteit per node.
- Snelheidsregeling: Aanpasbare simulatiesnelheid.
- Netwerkapplicaties:
- Systeemtoepassingen: Bestandsverkenner, opdrachtregel, teksteditor, firewall, afbeeldingviewer.
- Clienttoepassingen: E-mailprogramma, webbrowser, algemene client, Gnutella.
- Servertoepassingen: DNS-server, e-mailserver, webserver, echo-server.
Documentatie opdracht
- Neem voor elke opdracht screenshots van je netwerkopstelling, van de eigenschappen van je nodes en van het dataverkeer.
- Beschrijf wat je deed
- Beschrijf het resultaat
Opdracht 1: 2 computers rechtstreeks met elkaar verbinden
Aandachtspunten:
- Computers moeten in hetzelfde subnet zitten
- Computers moeten een uniek IP-adres hebben
- Installeer op één van de computers een 'Command Line' toepassing
- Gebruik de commando's ipconfig, ping en arp -a
| Commando | Uitleg |
|---|---|
ipconfig |
Toont de netwerkconfiguratie van de computer, zoals IP-adres, subnetmasker en gateway. |
ping |
Stuurt testpakketjes naar een ander IP-adres om te controleren of er verbinding is. |
arp -a |
Geeft een overzicht van het ARP-cache: een lijst van IP-adressen en bijbehorende MAC-adressen. |
Opdracht 2: 2 computers verbinden via een switch
- Zelfde aandachtspunten als opdracht 1
- Neem een ander subnet
- We hebben de simulatiesoftware 'Filius' geïnstalleerd op onze computer.
- We hebben de mogelijkheden van de simulatiesoftware verkend: netwerkapparaten toevoegen, eigenschappen instellen, simulaties doen, ...
- We hebben 2 computers rechtstreeks met elkaar verbonden, 'Command line'-software geinstalleerd en de commando's ping, ipconfig en arp -a uitgevoerd.
- We hebben 2 computers via een switch met elkaar verbonden.

