Lespakket 2 - Inleiding


Transmissie

🎯
  • De leerlingen kunnen het verschil uitleggen tussen analoge en digitale signalen en voorbeelden geven van beide.
  • De leerlingen kunnen het begrip modulatie toelichten, de verschillende modulatietechnieken (amplitude-, frequentie- en fasemodulatie) herkennen en hun geschiktheid voor datacommunicatie beoordelen.
  • De leerlingen kunnen het verschil tussen seriële en parallelle gegevensoverdracht beschrijven en de voor- en nadelen van beide methoden benoemen.
  • De leerlingen kunnen uitleggen wat asynchrone en synchrone seriële gegevensoverdracht inhouden en het belang van communicatieprotocollen aangeven.
  • De leerlingen kunnen de begrippen transmissiesnelheid, bits per seconde (bps), baud rate en bandbreedte definiëren en het verschil ertussen uitleggen.
  • De leerlingen kunnen aangeven hoe de capaciteit van een transmissiemedium wordt bepaald (baseband vs. breedband) en wat een transmissie-bottleneck is.
📖
  • Zie boek pag. 20 - 25

Van analoog naar binair

Vraag
Jullie kunnen allemaal bepaalde dingen doen bewegen die 100 meter verder staan, zonder van je plaats te gaan.
Welke?

Analoge, digitale en binaire signalen
Analoge, digitale en binaire signalen
  • Soorten signalen
    • Een analoog signaal kan oneindig veel waarden tussen het minimum en maximum aannemen; het is continu en kan sterk variëren in sterkte.
    • Geluid plant zich voort als een analoog signaal; toonhoogte en geluidssterkte kunnen traploos wisselen.
    • Klassieke telefoonlijnen gebruiken analoge signaaloverdracht.
    • Een digitaal signaal kent een beperkt aantal waarden tussen minimum en maximum; het verloop is getrapt.
    • Minder trappen betekent minder gevoeligheid voor vervorming en verzwakking; digitale signalen zijn eenvoudig te reconstrueren.
    • De meeste digitale signalen hebben twee niveaus: 1 en 0 (binair); deze zijn ideaal voor communicatie tussen computers.


  • Afstand
    • Over korte afstand kunnen digitale signalen zonder omzetting verzonden worden. We denken hierbij aan bussen in computers, seriële poorten, ...
    • Over lange afstand worden digitale signalen te veel vervormd. Dit kunnen we tegengaan door digitale signalen op een speciale manier om te zetten in analoge signalen.
  • QR Code
    Scan deze qr-code om de video te bekijken
    • Moduleren/demoduleren
      • Het omzetten van digitale naar analoge signalen heet moduleren; het omgekeerde heet demoduleren.
      • Een modem voert modulatie en demodulatie uit; de naam is afgeleid van deze begrippen.
      • Amplitude-modulatie: een grote amplitude betekent een 1, een kleine amplitude een 0; deze techniek veroorzaakt veel vervorming en is weinig geschikt voor datatransmissie.
      • Frequentie-modulatie: gebruikt bij FM-radio; levert weinig vervorming op, maar de afstand is beperkt; niet ideaal voor datacommunicatie.
      • Fase-modulatie: de oriëntatie van de fase bepaalt de waarde (opwaarts = 1, neerwaarts = 0); deze techniek is het meest geschikt voor datacommunicatie door minder vervorming en duidelijke onderscheid tussen 1 en 0.
    Amplitude modulaties
    Amplitude modulaties
    Frequentie modulatie
    Frequentie modulatie
    Fase modulatie
    Fase modulatie

    Test jezelf

    QR Code
    Scan deze qr-code om de inhoud te bekijken

    Transmissietypes

    • Parallelle gegevensoverdracht
      • Meerdere bits worden gelijktijdig over meerdere draden verzonden.
      • Aan de zenderkant worden de bits klaargezet en via een request-signaal (REO) aan de ontvanger gemeld.
      • De ontvanger stuurt een acknowledge-signaal (ACK) terug als bevestiging; dit is het handshake-mechanisme.
      • Voor elke bit is een aparte draad nodig, plus extra draden voor besturingssignalen.
      • Parallelle overdracht was vroeger sneller, maar moderne seriële verbindingen zijn nu efficiënter en eenvoudiger qua bekabeling.
    Seriëel versus parallel
    Seriëel versus parallel
    • Seriële gegevensoverdracht

      • Bits worden één voor één over één enkele lijn verzonden.
      • Aan elk teken worden start-, stop- en pariteitsbits toegevoegd om het begin, einde en de juistheid van het teken te bepalen.
      • Zender en ontvanger moeten vooraf afspreken hoeveel bits één teken telt en de overdrachtsnelheid op elkaar afstemmen.
      • Asynchrone seriële overdracht is inefficiënt door veel overhead en synchronisatieproblemen; elk teken krijgt aparte controlebits.
      • Synchrone seriële overdracht verstuurt grotere blokken met minder overhead en gebruikt een kloksignaal voor synchronisatie; dit is betrouwbaarder en wordt in netwerken toegepast.
    • Methodes om het einde van een bericht te bepalen

      • Time-out methode: als er gedurende een bepaalde tijd geen data wordt ontvangen, wordt het bericht als beëindigd beschouwd; weinig betrouwbaar.
      • Byte-count methode: het aantal bytes van het bericht wordt vooraf doorgegeven; storingsgevoelig.
      • End-of-message-teken methode: een afgesproken bitcode markeert het einde van het bericht; meest betrouwbaar, zeker in combinatie met pariteitscontrole.
    • Communicatieprotocollen

      • Leggen afspraken vast over het begin en einde van berichten, synchronisatie en foutcontrole.
      • Standaarden zorgen ervoor dat computers wereldwijd probleemloos kunnen communiceren.
      • Voor elke netwerkdienst bestaat een specifiek protocol.
    • Moderne ontwikkelingen

      • Seriële verbindingen zijn tegenwoordig sneller en eenvoudiger dan parallelle verbindingen.
      • Alle externe verbindingen (USB, HDMI, netwerken) zijn nu serieel vanwege de voordelen in snelheid en bekabeling.

    Test jezelf

    QR Code
    Scan deze qr-code om de inhoud te bekijken

    Transmissiesnelheden

    • Transmissiesnelheid

      • Wordt uitgedrukt in bits per seconde (bps); snelle verbindingen in Kbit/s, Mbit/s of Gbit/s.
      • 1 Kbit/s = 1000 bits per seconde, 1 Mbit/s = 1.000.000 bits per seconde (niet gebaseerd op het binaire stelsel).
      • Afkortingen als Kbps worden soms foutief gebruikt voor kilobytes per seconde; om verwarring te voorkomen, gebruikt men Kbit/s, Mbit/s, Gbit/s.
      • Baud rate: aantal signalen per seconde; vroeger gebruikt bij datacommunicatie. Als elk signaal één bit is, zijn baud rate en bps gelijk. Bij meerdere bits per signaal is bps hoger dan baud rate.
      • In computernetwerken is baud meestal gelijk aan bps, omdat de overdracht serieel gebeurt.
      • Baud rate is een verouderde eenheid, genoemd naar Jean-Maurice-Emile Baudot.
    • Bandbreedte

      • Het verschil tussen de hoogste en laagste frequentie op een transmissiemedium; uitgedrukt in Hz, KHz of MHz.
      • Grotere bandbreedte betekent potentieel hogere gegevenssnelheid.
      • Bandbreedte wordt soms foutief uitgedrukt in bps; de daadwerkelijke doorvoersnelheid kan lager zijn dan de maximale bandbreedte.
    • Transmissie-bottleneck

      • De traagste schakel in een verbinding bepaalt de maximale snelheid van de hele verbinding.
    • Capaciteit van transmissiemedium

      • Baseband: volledige bandbreedte voor één verbinding.
      • Breedband (broadband): bandbreedte gedeeld door meerdere verbindingen.
      • Lokale netwerken werken meestal in baseband; internetverbindingen vaak in breedband.
    • Modemstandaarden

      • Klassieke modems gebruikten V-standaarden (V.21, V.22, V.32, V.90, V.92) ontwikkeld door CCITT.
      • Snelheden varieerden van 300 bps tot 56,6 Kbit/s (56K-modems).

    Test jezelf

    QR Code
    Scan deze qr-code om de inhoud te bekijken
    🧠
    • Het verschil tussen analoge en digitale signalen: analoge signalen zijn continu en kunnen oneindig veel waarden aannemen, terwijl digitale signalen slechts een beperkt aantal discrete waarden hebben (meestal 0 en 1).
    • Modulatie is het omzetten van digitale signalen naar analoge signalen (en omgekeerd: demodulatie); amplitude-, frequentie- en fasemodulatie zijn verschillende technieken, waarbij fasemodulatie het meest geschikt is voor datacommunicatie.
    • Seriële gegevensoverdracht verstuurt bits één voor één over één lijn, terwijl parallelle overdracht meerdere bits tegelijk over meerdere draden stuurt; seriële overdracht is tegenwoordig sneller en eenvoudiger qua bekabeling.
    • Asynchrone seriële overdracht voegt start-, stop- en pariteitsbits toe aan elk teken en is minder efficiënt; synchrone overdracht verstuurt grotere blokken met minder overhead en gebruikt een kloksignaal voor synchronisatie; communicatieprotocollen leggen afspraken vast voor betrouwbare gegevensoverdracht.
    • Transmissiesnelheid wordt uitgedrukt in bits per seconde (bps); baud rate geeft het aantal signalen per seconde aan; bandbreedte is het frequentiebereik van het transmissiemedium en bepaalt mede de maximale snelheid.
    • De capaciteit van een transmissiemedium wordt bepaald door baseband (volledige bandbreedte voor één verbinding) of breedband (bandbreedte gedeeld door meerdere verbindingen); de traagste schakel bepaalt de bottleneck van de verbinding.